dinsdag 25 maart 2008

als de kat van huis is

het kind ging logeren.
en dus was de moeder alleen de hele avond en nacht. feest. wilde plannen. ze eindigde in de hoofdstad, oh en ah zeggen tegen een nieuw mensje, praten over borstvoeding en het ouderschap. daarna ging ze in het donker met de bus en de trein naar huis, want er was niemand die voor het donker thuis moest zijn om te slapen. Op het station kocht ze een mars want er was niemand die geen mars mocht maar er wel om zou gaan smeken. In de trein ging ze boven zitten, want er was geen wagentje waarmee gesleept diende te worden. Haar voeten op de bank tegenover haar, want er was geen kind dat het goede voorbeeld voorgeschoteld moest krijgen. Ze las de Rails, want er was niemand die liever wilde dat ze 'paardje paardje' speelde, of zijn blokjes opraapte, of dikkie dik voorlas. Toen ze haar aansluiting miste, mompelde ze godverdomme, want er was geen echo die goffedomme zou zeggen. Met haar fiets zigzagde ze tussen de strepen op het fietspad door, want er was niemand die achter van haar bagagedrager zou vallen. Thuis zette ze de muziek hard aan, want er was niemand die boos uit zijn kamertje zou komen, met zijn knuffel onder zijn arm geklemd, wrijvend in zijn ogen.
's Morgens zette ze haar wekker extra vaak op snooze want er was niemand die eerst nog wakker gemaakt diende te worden en kleren aan moest hebben, en pap moest eten. Ze werd wakker onder de douche, want er was niemand die haar daarvoor al had wakker gemaakt, noch was er iemand die onder de douche voordurend de regie over de douchekop opeiste waardoor de moeder blauwbekkend náást de warme waterstralen moest staan. Ze at cruesli, want er was niemand die bij het zien van een bak cruesli onmiddellijk zou weigeren nog een hap van die suffe Brinta te eten. En ondertussen zat ze op de bank, met het ontbijtnieuws op de tv aan, want er was niemand die ze wilde bijbrengen dat de tv 's morgens helemaal niet nodig is. Ze pakte haar tas in, deed open en bloot een pakje Sultana's in haar tas, want er was niemand die bij het zien van de Sultana's zo wild zou worden dat ie het komende uur niet te temmen zou zijn. Ze fietste extra laat van huis weg, want er hoefde niemand weggebracht te worden. En terwijl ze op de fiets nog éénmaal zigzagde tussen de straatbelijning, stoepje op en af fietste, haar hand niet uitstak toen ze ergens insloeg en hardop vloekte toen een automobilist haar geen voorrang gaf, bedacht ze:
wild hoor zo'n kindloze dag....

donderdag 13 maart 2008

de tussenstand

Om me heen is de bom gebarsten. (aanstaande) Kersverse ouders schieten als paddestoelen uit de grond. Allemaal vol nieuwsgierigheid, vraagtekens, alsof ze voor de magische deur van de Mini Playbackshow staan. Geen idee wat er achter die deur zit, alleen dat het totaal anders is dan alles wat er voor die deur zat.
Spannend wat voor mensje d'r in die dikke buiken zit, maar bijna net zo spannend: wat voor ouders er schuilgaan achter al die vrienden van me.
Het zet me uiteraard aan het denken wat voor ouder ik nou eigenlijk geworden ben, en wat mijn verwachtingen waren. Na dik twee jaar is het een mooi moment om eens de balans op te maken.

Ik kan nog moeilijk achterhalen wat mijn verwachtingen van mijzelf als moeder waren. Ik denk dat ik gemakkelijkerwijs mezelf zag als een soort cloon van mijn moeder. En heel gemakkelijk wilde ik zijn, niet te gecompliceerd, niet te krampachtig, niet te bezorgd, flexibel. En alsjeblieft niet iemand die alleen maar over haar kind kan praten, iemand die ook nog gewoon zichzelf is, niet alleen de moeder van. En het leek me dat ik nuchter genoeg was om boven al die vreselijk zwepende moedergevoelens te staan. Geen roze brilletje voor mij.

En nu de praktijk.

De drie RRRen, mijn ouders hadden er volgens mij nog nooit van gehoord, of ze hebben het weggewimpeld omdat het niet bij al hun hippie-idealen paste. Al vrij snel na de geboorte raakte ik in de ban van de R van Regelmaat. Wat gedijde dat kleine babietje er goed bij als alles volgens een redelijk strak ritme ging. En ook die peuter doet het uitstekend, met zijn vaste bedtijd, avondeten op een vast tijdstip. Zelfs als we na een dag hard werken pas om tien over zes ons huis binnenkomen, staan om half 7 twee dampende borden met overheerlijk eten klaar op de tafel. Ik ken mezelf amper terug, maar zelfs ik vind het prettig in zo'n ritme te leven.
Dan hebben we de R van Rust. Ook die is hier een tijd lang heilig geweest. Ik dacht vroeger: mijn kind kan overal wel slapen, gaat vrolijk mee naar feestjes en en en. Niks daarvan. Nano's bedtijd is, zeker in zijn baby/dreumes-tijd, heilig goed geweest hier in huis. De dag wordt gepland om zijn slaapjes heen, die hij netjes in zijn bed doet. Tijden veranderen, intussen is dat babietje een peutertje die wat makkelijker ietsje later naar bed gaat, en de tijden van zijn middagslaapje aanpast aan de plek waar hij die dag is.
De R van Reinheid...
Tja.
Haha, hoe naief kun je zijn? Ik dacht dus écht dat het moederschap van mij ook meteen een goede of op z'n minst een betere huisvrouw zou maken. Hoe dat in elkaar zou steken, geen idee....Maar ik kan jullie vertellen: niks is minder waar. Arme arme Nano, moet ie in net zo'n rommelig nest opgroeien als ik.

Flexibel ben ik wel, al zijn zijn slaaptijden heilig. Ik ben die stoere moeder geworden die zomaar eventjes met haar kind naar Afrika reist. Dat dan weer wel. Van overbezorgdheid heb ik volgens mij ook geen last, krampachtigheid heb ik mezelf ook nog niet op kunnen betrappen.

en dan. Dat moedergevoel, dat niet te veel willen praten over je kind, een eigen leven willen hebben naast het moederschap...In de afgelopen twee jaar is me wel duidelijk geworden dat Nano onbetwistbaar een deel van mijn leven ís, en het zou juist krampachtig zijn dát te ontkennen. Op mijn werk doe ik wel erg mijn best niet elke dag met voor andere doodvermoeiende anekdotes te komen over wat voor grappige dingen mijn zoon nou weer heeft gezegd. Ik probeer niet elke leuke foto die ik heb in een lijstje boven mijn bureau te hangen. En het kost me verdomd veel moeite...

Maar het meest opvallend vind ik nog wel, dat ik zo ongelofelijk gelukkig word van zijn bestaan, dat ik al vrolijk word als ik zijn schoentjes zie staan op de gang, van hoe hij in zijn bedje ligt met zijn poppie naast hem, zijn aapie om zijn nek, hoe hij 's morgens naar mijn bedje toe tippelt om even te melden dat 'nano wakkel is'. Niks is beter voor mijn humeur dan Nano die achter op de fiets alle liedjes die hij kent uit volle borst zingt. Zijn lach als hij mijn hoofd bij het kinderdagverblijf om het hoekje ziet verschijnen, is goud waard. Met hem in de hangstoel vlak voor het slapen een verhaaltje voorlezen, nadat hij eerst heeft besloten welke knuffels vanavond mee mogen luisteren, het is puur genieten. Zijn eigen taaltje dat langzaamaan steeds meer doorspekt wordt met woorden die ik ook ken, is de mooiste taal op aarde. Niks is lekkerder dan door zijn lekkere krullenbos kroelen. 'Mmmmm Lekkel mamma' is het beste compliment voor mijn kookkunsten. En een kusje van hem op een zere plek laat elke pijn als sneeuw voor de zon verdwijnen. Elke dag is Nano nóg leuker dan de dag ervoor, en de liefde groeit en groeit maar.
Ik hoor mezelf op een feestje zeggen dat sinds Nano er is, geen enkele dag nutteloos is. Jaja, heb je een emmertje? Maar het is verdorie zooo waar.
De keuze die ik deze week precies 3 jaar geleden maakte, en die voor velen, zelfs voor mijzelf, zo onnavolgbaar was, komt zonder twijfel met stip op nummer 1 in de top 10 van beste keuzes allertijden.

En het aller allermeeste heb ik mezelf verbaasd met dat ik het tegenwoordig dus voor elkaar krijg zulke zoetsappige teksten op mijn weblog neer te zetten, en er elk woord nog van te menen ook...



foto gemaakt door mara.