zondag 29 juli 2012

zo normaal

Zoë in het dorp van haar vader. Voor de eerste keer. Gedragen door jan en allemam, spelend met Oegandese kinderen die even oud zijn maar er een stuk minder doorvoed uit zien. Smakelijk genietend van chapatis en al het andere oegandese voedsel. Lachend naar de mensen die haar roepen, zwaaiend naar de geiten en de kippen die overal lopen. Vrolijk waggelend door de afrikaanse bossen. Zwiepend met een bezempje maakt ze voortdurend de binnenplaats schoon. Alleen haar grote ogen die al het nieuwe vol plezier in zich opnemen laten zien dat deze situatie helemaal niet zo normaal is als dat ze verder doet vermoeden.
Nano in het land van zijn vader. Voor de vierde keer. Wennen? Daar doet hij niet meer aan. Dat is voor babies en kleuters (maar niet voor zijn zusje). Hij beweegt zich al meteen door het dorp en het hofje waar we wonen heen alsof hij al die tijd niet weggeweest is. En hoewel hij in Nederland meestal niks emt de engelse taal te maken wil hebben, vraagt hij hier met veel plezier hoe hij dit of dat aan zijn vader in het engels kan vragen. En de standaard Luganda-zinnetjes reproduceert hij ook zo nu en dan, tot grote verbazing van het dorp. Op de veranda zit ie alsof het de normaalste zaak van de wereld is, te kaarten met een aantal oegandezen. Zelfs het ziek-worden op de 3de dag in het dorp, voelt na al die reizen eigenlijk als heel gewoon. Zielig is het wel. Want zo leuk is het niet om hier diaree te hebben. Vindt hij ook niet, want in plaats van 'wat is het hier leuk he!!' klinkt er vandaag opeens een stellig 'Ik ga NOOIT meer naar Afrika' uit zijn kamer. Morgen, dan is vast alles weer beter, leren de afgelopen jaren. Gelukkig maar!
En ik, voor de vijfde keer in Oeganda. De laatste keer was te lang geleden, drie jaar. Maar wat voelt het normaal. Fijn zo'n plek aan de andere kant van de wereld waar je je gewoon meteen weer thuis voelt. Het dorp is in die drie jaar behoorlijk veranderd. Waar het de afgelopen reizen zoeken was naar de veranderingen, was het nu de eerste dag zoeken naar de overeenkomsten. Gelukkig is aan de wc's nog steeds niks veranderd. Stel je voor zeg, dat ik helemaal naar Oeganda zou gaan en dan opeens niet die vreselijke weerzin zou voelen elke keer dat ik naar de wc zou moeten. Of dat ik gewoon uit zou zien naar de lekkere douche 's avonds. Nee, de wcbezoekjes bezorgen me nog steeds een knoop in mijn maag en een kokhalsreflex in mijn keel. Fijn, dan is er ook weer iets om naar uit te kijken als ik weer terug ben!